De vierslag

De vierslag is een methode van Vincent die tijdens het Zi-B examenweekend deze vierslag aan mij uitlegde. Het is in theorie kinderlijk eenvoudig, maar zorgt dat je alertheid op het water minder snel verslapt. De vierslag kan worden gebruikt bij elke koerswijziging en ook regelmatig op gestrekte koersen. Waarom? Dat komt na de uitleg van de vierslag.

Stap 1; waar komt de wind vandaan?

De eerste stap is het bepalen waar de wind vandaan komt. Belangrijk hierbij is dat het om de werkelijke wind gaat. Het vaantje en voelen zijn dus slechts een middel, golven, vlaggen en bomen moeten de waarneming ondersteunen. Het gaat om de windrichting ten opzichte van het meer die bepaald moet worden. Een kompas kan hierbij handig zijn voor precieze bepaling, maar ook parallelle lijnen kunnen gebruikt worden.
Deze stap herhaal je telkens weer en is waarschijnlijk de belangrijkste om inzicht te krijgen in de invloed van het meer op de wind.

Stap 2; welke koers vaar ik?

De tweede stap is te bepalen welke koers je op dat moment precies vaart. Hier hoeft niet veel over uitgeweid te worden. Wel is het een belangrijkste stap, want vaak gebeurt het dat er niet (hoog) aan de wind overstag wordt gegaan, maar toch bij een meer ruimere koers.

Stap 3; welke koers ga ik straks varen?

Als je bepaald hebt welke richting je op wilt, ga je inschatten welke koers je dan zult varen. Dit is een best lastige oefening, zeker bij de overstag. Dit is puur een vorm van training, waarbij je zult moeten inschatten welke koers je dan vaart. Deze stap valt dan nog mee, maar de volgende stap maakt het nog wat moeilijker.

Stap 4: waar komt de wind dan vandaan?

Dit is de moeilijkste stap. Het precies inschatten waar de wind dan vandaan komt. Waarom deze stap? Dit zorgt juist voor dat extra stukje inzicht wat vaak ontbreekt. Daarnaast kun je hierdoor vrij eenvoudig windschiftingen herkennen, die je anders niet zou herkennen.

En dat was de vierslag. Na de koerswijziging is het natuurlijk essentieel om de stappen te controleren; kloppen stap 3 en vier wel. Na enige oefening wordt dit steeds eenvoudiger, en zie je steeds vaker de precieze lijnen van de wind op het water. Ook herken je veel eenvoudiger windschiftingen die door bomen worden veroorzaakt of door een cumuluswolk, of juist permanentere veranderingen in de wind.

By Pieter Moerman | This entry was posted in Wind and tagged . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published.